Slaap. Een gastblog van Froukje

Ze ligt op de bank. Haar ogen zijn gesloten en haar buik gaat rustig op en neer. Ik kijk naar mijn zieke meisje. Afgelopen nacht spuugde ze alles er weer uit. Ze is al zo groot, maar nu weer even heel klein.

Ik denk terug aan het moment dat ze net was geboren, al weer bijna vier jaar geleden. Onverwacht snel had ze mijn buik moeten verlaten. Ze was klein en kwetsbaar. Eerst kon ze bijna niet huilen. We maakten haar wakker zodat ze kon drinken, of eigenlijk: zodat wij konden proberen om haar te laten drinken door keer op keer aan te leggen en met finger feeding.

Toen ging ze heel zacht huilen. Dat klonk heel vertederend. Later huilde ze hard en heel veel en uren achter elkaar. We liepen overdag en ’s nachts rondjes door de kamer met haar op de arm, maar wat we verder ook probeerden, niets kon het leed verzachten.

Een goede vriendin had tijdens de zwangerschap veel spullen bij ons gedropt. ‘Misschien komt het nog eens van pas. ‘ Zo ook een rekbare doek. Ik viste de doek uit de stapel spullen en leerde hoe ik de doek kon knopen. Dit bleek voor de kleine meid en voor ons een uitkomst te zijn. Ze ging overdag beter slapen en huilde minder. ’s Nachts duurde het wat langer voordat ze beter ging slapen, want door verborgen reflux vond ze het vreselijk om plat te liggen en de doek kon ons hierbij niet helpen.

 

slaap draagdoek

 

Toen we net een wankel ritme hadden bereikt met het slapen in de doek, brak het moment aan dat ik weer moest gaan werken. Ik zag er enorm tegenop. Hoe zou ze kunnen slapen in het bedje bij de gastouder? Gelukkig dronk ze inmiddels keurig uit de fles. Dat was geen probleem, maar het slapen bleef een kwetsbaar punt. We bleken het helemaal verkeerd te hebben ingeschat. Eenmaal bij de gastouder weigerde ze de fles en sliep ze vaak als een roosje in een gewoon bedje.

Inmiddels slaapt onze bijna-kleuter niet meer in de doek. Ze slaapt meestal in haar eigen bed en soms bij ons. Want meestal voelt ze zich al heel groot. Ze kan veel zelf en wil dit ook laten zien: ‘Kijk eens hoe ik hard ren, mamma!’ Maar soms voelt ze zich nog heel klein. Ze wil dan dicht bij ons zijn. Huilen, knuffelen en verder even niets.  We dragen haar af en toe nog op de rug, bijvoorbeeld als we op reis gaan of een wandeling maken. Ze kan dan even bijtanken en loopt dan even later weer op eigen benen.

‘Mama,’ hoor ik zachtjes. Ze is wakker geworden. ‘Mijn buik is weer een beetje beter geworden’.

Gelukkig. Het komt goed met onze grote, kleine meid.

 

Gastblog geschreven door Froukje.